Waarom adoptiekinderen en geboorteouders zich tegen anoniem bevallen kanten
Toen haar zoon in 1973 geboren werd, kreeg ze hem maar enkele minuten te zien. Genoeg om te weten dat hij zwart haar had, meer niet. Anita beviel in Frankrijk. De adoptiedienst bracht haar naar Malo-les-Bains, Anita keerde terug zonder kind.
“Soms zeggen mensen me dat ze niet wisten dat ik drie kinderen heb. Ik heb het altijd geweten”, vertelt Anita. Toen ze haar zoon deze zomer voor het eerst terugzag, was dat als een tweede geboorte, vertelt ze. “Wat doet een moeder na de bevalling? Ze kijkt naar de ogen, de oren en het haar van haar kind om de gelijkenissen te zien. Dat deed ik ook, na 32 jaar.”
Anita straalt als ze haar lang verborgen gebleven verhaal vertelt. Johan, een vijftiger met een vergelijkbare ervaring, lijdt. Het drama dat hij als jonge twintiger meemaakte, heeft zijn leven getekend. Toen zijn toenmalige vriendin zwanger raakte, besloten hun beider families de geliefden onmiddellijk te scheiden. Het kind werd afgestaan voor adoptie.
Johan bouwde met veel moeite een nieuw leven op, maar bleef zoeken naar zijn zoon. “Al die jaren wou ik maar één zaak: hem vertellen dat hij niet ongewenst was. Ik heb hem nooit willen afstaan. Toen ik onlangs een brief van hem kreeg en ik mijn andere kinderen het verhaal vertelde, was dat als een rugzak die ik na 35 jaar kon afzetten.”
Anita: “Altijd was ik op zoek naar mijn zoon. Toen hij zes was, bekeek ik alle kinderen uit het eerste leerjaar. Hij heeft me later verteld dat ook hij op straat alle vrouwen aankeek en zich afvroeg of ze niet zijn moeder waren.”
Twee derde van alle adoptiekinderen gaat op zoek naar zijn natuurlijke ouders, vertelt Jo Laebens van de vzw Gewenst Kind, de enige adoptiedienst die Kind&Gezin erkent als “zoekinstantie”. “Bij de geboorteouders is dat aantal nog groter”, zegt Laebens.
De betrokkenen voelen dat er een puzzelstukje ontbreekt in hun leven. Zolang dat niet gevonden wordt, vinden ze geen rust. Geboorteouders gaan op zoek zodra ze een nieuw evenwicht vinden in hun leven. Bij de kinderen begint de zoektocht meestal tussen hun twintigste en dertigste, maar bij Gewenst Kind komen ook kinderen van twaalf aankloppen.
Cruciaal in de zoektocht is informatie. Kinderen die in België geboren worden, vinden de naam van de moeder (en soms ook de vader) gewoon op hun geboorteakte. Maar de kinderen van Anita en Johan werden geboren in Frankrijk, waar anoniem bevallen mogelijk is. De enige manier waarop kind en ouder elkaar kunnen terugvinden, is door zich beiden laten registreren in een zoekregister, zoals dat van Gewenst Kind, in de hoop dat ze de schaarse gegevens die ze over de geboorte hebben, met elkaar overeenstemmen.
Geadopteerde (jongen) geboren op 1 juni 1960 in Malo-les-Bains (Frankrijk) is op zoek naar zijn geboortemoeder. De adoptie werd geregeld door de dienst Thérèse Wante. Met deze speld in een hooiberg moet een man - een veertiger inmiddels - het stellen in de zoektocht naar zijn moeder.
De verhalen hierboven dateren van vele jaren geleden, maar ook vandaag bevallen jaar meer dan honderd vrouwen - tienermeisjes meestal - uit ons land in Rijsel en Duinkerke, net over de Franse grens. Anoniem. Meestal gaat het om allochtone meisjes. Hun situatie is vergelijkbaar met die van Johan en Anita, meer dan dertig jaar geleden. Bij hen drong vooral de omgeving dringt erop aan dat het kind ter adoptie afgestaan werd. Het onderwerp werd daarna taboe.
In Frankrijk komt het bevallen “sous X” steeds meer onder druk. De adoptiekinderen verenigen zich en voeren actie. “Mijn zoon heeft de X die hij moest opgeven als het over zijn moeder ging, ook altijd als een brandmerk ervaren”, vertelt Anita.
Ondertussen zijn in de Kamer twee wetsvoorstellen ingediend die anoniem bevallen ook in ons land mogelijk moeten maken: een van Vlaams Belang en één van Philippe Monfils (MR). Beide voorstellen willen wanhoopsdaden - kindermoord, zeg maar - voorkomen. Sommige aanstaande moeders zijn nu eenmaal radeloos. Dat is ook het idee achter de “vondelingenschuif” , die de vereniging Moeders voor Moeders vijf jaar terug in Antwerpen installeerde.
De kans dat die voorstellen wet worden, is gering, maar dat stelt Laebens niet gerust. ,,Dit zou werkelijk dramatisch zijn.” Hij schaart zich met volle gewicht achter een resolutie van de SP.A-kamerleden Karin Jiroflée en Magda De Meyer, die de regering oproepen werk te maken van ,,discreet bevallen”.
De naam van de geboortemoeder (en eventueel -vader) zou volgens dat voorstel niet in de geboorteakte belanden, maar in een gesloten register. Dat bestaat uit twee lijsten. Een zogeheten sluimerlijst bevat gegevens zoals fysieke kenmerken, eventuele erfelijke aandoeningen of zelfs een boodschap van de moeder aan het kind. Het kind moet op elk moment toegang krijgen tot de sluimerlijst. Een tweede lijst bevat de naam van de moeder. Die kan pas geraadpleegd worden als zowel moeder als kind (vanaf 16) daartoe toestemming geeft.
Met hun resolutie manen de twee SP.A-kamerleden de minister van Justitie, Laurette Onkelinx (PS) en de minister van Sociale Zaken, Rudy Demotte (PS), die een regeringsinitiatief hebben aangekondigd, ook aan tot spoed.
Bron: De Standaard (B)
