Staten-Generaal Adoptie 2010

Hieronder volgt een uittreksel van de persmededeling van de Vlaamse Regering“Op 14 december 2009 vindt in Brussel het startcolloquium plaats van de eerste Staten-Generaal over adoptie 2010. De Staten-Generaal doet aanbevelingen over adoptie als een volwaardige, professionele zorgvorm in Vlaanderen, en zal de komende jaren het adoptiebeleid in Vlaanderen inspireren. De eindvergadering heeft in mei 2010 plaats.Het verdrag van Den Haag, dat adoptie definieert als de laatste optie voor kinderen die nood hebben aan een gezin, vraagt herkomstlanden om oplossingen in eigen land uit te werken. Dit maakt dat er over alle landen heen almaar minder kinderen interlandelijk geplaatst worden in adoptiegezinnen. De aanpassingen aan de federale adoptiewet, de nieuwe procedure uitgewerkt in wet en decreet, zijn aan evaluatie en verbetering toe, en beleidskeuzes voor het ontsluiten van nieuwe kanalen dringen zich op.De bevindingen van de werkgroepen zijn een rechtstreekse insteek voor de eindvergadering van de Staten-Generaal, gepland voor mei volgend jaar. Experten uit binnen- en buitenland, mensen uit het werkveld en ervaringsdeskundigen zullen eraan deelnemen.”Via de site van de VAG vernamen we dat er GEEN enkele geboortemoeder zou vertegenwoordigd worden in de verschillende werkgroepen, die jullie hieronder terug kunnen vinden.Werkgroep 1 ‘Geschiktheid om te adopteren1 VAG medewerker (Nele Vanmassenhove)2 adoptanten1 geadopteerde Werkgroep 2 ‘Bemiddeling en adoptieprocedure 2 adoptanten Werkgroep 4 ‘Voorbereiding op en nazorg bij adoptie’1 medewerker (Inge Demol)1 geadopteerdeIn de adoptiewereld heeft men de mond vol van de adoptiedriehoek. De adoptiedriehoek bestaat uit drie partijen : de geadopteerde, de geboortemoeder(ouder) en de adoptieouders. Helaas moeten wij vaststellen dat één partij van deze adoptiedriehoek, gediscrimeerd en uitgesloten wordt van deelname aan het colloquium en de werkgroepen. Vindt de overheid het dan zo evident dat de adoptieproblematiek  inzake het huidige adoptiebeleid besproken kan worden zonder deelname van één belangrijke groep, namelijk de geboortemoeder? In deze werkgroepen komen verschillende items aan bod zoals : de voorbereiding en nazorg, geschiktheid om te adopteren, de adoptiebemiddeling en de rol van de overheid. En een geboortemoeder heeft hierin GEEN enkele inspraak!!!!????Nadat Kind en Gezin Adoptie en het Kabinet van Minister Vandeurzen werd aangeschreven, heeft de adoptieambtenaar me toelating gegeven om het colloquium bij te wonen. Alleen ik, er was geen plaats voor een tweede afgevaardigde voor de geboortemoeders. De werkgroepen zullen het dus ZONDER de vertegenwoordiging van een geboortemoeder moeten stellen.Wordt vervolgd….

baby uit Leopoldsburg verkocht

Bron : Het Belang van Limburg 20 juni 2009 Baby uit Leopoldsburg verkocht voor 25.000 euro 07:54 Update Een 39-jarige vrouw uit Leopoldsburg heeft haar baby verkocht aan een koppel uit Noord-Nederland. Ze kreeg 25.000 euro voor de transactie, zo bevestigen bronnen bij het gerecht. Het parket seponeert de zaak. Het gerecht kwam de vrouw op het spoor na een reportage op tv. Na verhoor bleek dat ze op 27 juli 2007 in het ziekenhuis van Overpelt was bevallen, maar dat haar zoontje niet in haar gezin woonde. Kort na de geboorte had ze het meegegeven aan een koppel uit Noord-Nederland, dat ze via het internet had leren kennen. Het kind is verwekt met sperma van de Nederlandse vader. Parket seponeert Volgens het politie-onderzoek zijn er sterke aanwijzingen dat de baby voor ongeveer 25.000 euro verkocht werd. Het Hasseltse parket liet weten dat het de zaak seponeert. “Verder geven we geen commentaar,” aldus persmagistraat Sofie Delbroek. “Er is in ons land helaas geen wet die de verkoop van een kind verbiedt,” reageert strafpleiter Jef Vermassen. Hij vindt het vreemd dat draagmoeder en koopouders in deze zaak vrijuit gaan, terwijl zijn cliënt Bart Philtjens, de biologische vader van Baby D., wél vervolgd wordt omdat hij de draagmoeder vermoedelijk een som betaalde. Kirsten BERTRAND

verzoekschrift Vlaams Parlement - antwoord

Beste geboortemoeders en geadopteerden,Onder de rubriek “Vlaams Parlement”  vindt u het antwoord op het verzoekschrift dat wij hebben ingediend, en dat u reeds eerder hebt kunnen lezen. De heren en dames politici hebben klakkeloos aangenomen wat Mr. Van Ackere, toenmalig Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin heeft neergeschreven zonder dan één iemand zich vragen heeft gesteld over de illegaliteit van de adopties in het verleden.Het is droevig te weten hoe laksheid en desinteresse in deze commissie hoogtij viert. Wij kunnen het weten, wij waren ook aanwezig! Laptoppen, I-Pod’s, een gezellige babbel, een nieuwe GSM activeren of een telefoontje beantwoorden wekten meer interesse bij de commissieleden dan de vragen die er gesteld en beantwoord werden.
Toen ons verzoekschrift ter sprake kwam en het antwoord van de Minister moest gestemd worden, was er zelfs een commissielid die het in Keulen hoorde donderen, ze wist zelfs niet waarover het onderwerp ging (ze moet wel blauwe duimen hebben gehad van de hele namiddag te GSM’en en spelletjes te spelen, ze had beter het dossier doorgenomen), maar ze heeft het antwoord van de Minister wel goedgekeurd!!!! Minister Veerle Heeren verklaarde dat er voor de “oude” adoptiedossiers niets meer kon worden gedaan. We hadden wel de indruk dat ze niet echt op de hoogte van het dossier was.
Laten we in juni, als we de volksvertegenwoordigers van het Vlaams Parlement moeten kiezen, ook dezelfde laksheid en desinteresse vertonen voor onderstaande politici!
Laat jullie zeker niet ontmoedigen door het onderstaande antwoord, wij zijn reeds andere wegen aan het bewandelen en blijven strijden om jullie erkenning en rechten!!!!!Eén puntje hebben we toch kunnen bereiken, namelijk dat de Vlaamse Centrale Autoriteit EINDELIJK werk heeft gemaakt aangaande de archivering van adoptiedossiers en dat deze nu EINDELIJK centraal zullen gearchiveerd worden!!!

Ik ben eenmaal gecontacteerd geweest door een juriste van de Vlaamse Centrale Autoriteit om een afspraak te maken, ze ging me terug contacteren in januari. We zijn nu maart en nog steeds heb ik niets gehoord!!!! Het laatste zinnetje van de Minister zijn antwoord indachtig, zal ik zelf de mogelijkheden nagaan, want mijn vertrouwen in deze instanties staat op een heel laag pitje.

Marleen

Stuk 2100 (2008-2009) – Nr. 1 - Zitting 2008-2009 - 11 februari 2009 VERZOEKSCHRIFTover adopties in het verleden en het archiveren van adoptiedossiersVERSLAGnamens de Commissie voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezinuitgebracht door mevrouw Vera JansStuk 2100 (2008-2009) – Nr. 1 2Samenstelling van de commissie:Voorzitter: de heer Luc Martens.                         Vaste leden:mevrouw Marijke Dillen, de heren Felix Strackx, Erik Tack,            DEZE DAMES ENde dames Greet Van Linter, Gerda Van Steenberge;mevrouw Sonja Claes, de heer Tom Dehaene, mevrouw Vera                    HEREN POLITICIJans, de heer Luc Martens;de dames Margriet Hermans, Anne Marie Hoebeke, Vera Van              HEBBEN DITder Borght;de heer Bart Caron, mevrouw Elke Roex, de heer Bart Van                      VERZOEKSCHRIFTMalderen.Plaatsvervangers:                                                                          “BEHANDELD”de heer Erik Arckens, mevrouw Agnes Bruyninckx, de heerJohan Deckmyn, mevrouw An Michiels, de heer Leo Pieters;                     EN HEBBEN HETde heer Paul Delva, de dames Cindy Franssen, Kathleen               Helsen, Tinne Rombouts;                                                                             NIET EENS DEde dames Hilde Eeckhout, Fientje Moerman, de heer BobVerstraete;                                                                                                      MOEITE GENOMEN OMde dames Else De Wachter, Michèle Hostekint, de heer FlorKoninckx.                                                                                                       EEN DIEPER ONDER-Toegevoegde leden:mevrouw Mieke Vogels;                                                                                 ZOEK TE VRAGENmevrouw Helga Stevens. 3 Stuk 2100 (2008-2009) – Nr. 1DAMES EN HEREN,I. PROCEDUREOp 14 juli 2008 werd bij de voorzitter van het Vlaams Parlement een verzoekschrift ingediend over adopties in het verleden en het archiveren van de adoptiedossiers (verzoekschrift nr. 18 (2007-2008)).Dit verzoekschrift werd op 17 september 2008 ontvankelijk verklaard door de voorzitter van hetVlaams Parlement en voor verdere behandeling verwezen naar de Commissie voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezin. Het verzoekschrift werd naar de commissieleden verstuurd.De Commissie voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezin besprak het verzoekschrift een eerste maal opdinsdag 4 november 2008 en besliste de heer Steven Vanackere, Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, om uitleg te vragen over dit verzoekschrift.Op 3 februari 2009 werd het verzoekschrift voor de tweede maal aan de agenda van de Commissie voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezin toegevoegd. De commissie had inmiddels op 15 januari 2009 van het kabinet een elektronisch antwoord ontvangen op dit verzoekschrift.II. INHOUD VAN HET VERZOEKSCHRIFTDe verzoeker vraagt dat de archieven van de erkende adoptiediensten in kaart gebracht worden, inclusief de dossiers van niet meer bestaande adoptiediensten die aan die archieven werden overgedragen. In tegenstelling tot wat wordt gesteld werden niet alle dossiers van erkende adoptiediensten die ophielden te bestaan, aan de Vlaamse Centrale Autoriteit overgedragen.De verzoeker begrijpt niet waarom de archivering zo verspreid gebeurt.Voorts wenst de verzoeker meer uitleg over de mogelijkheid destijds van onwettige adopties (anoniemebevallingen) door erkende adoptiediensten. Gevolg is dat adoptiekinderen hun geboortemoeder nauwelijks kunnen terugvinden.III. BESPREKINGMevrouw Vera Jans verklaart zich akkoord met het antwoord van de minister, en stelt voor het antwoord aan de indiener van het verzoekschrift te bezorgen.Mevrouw Vera Van der Borght, waarnemend voorzitter, verklaart zich akkoord met het uitvoerigeantwoord van de minister. Dankzij het decreet van 15 juli 2005 tot regeling van de interlandelijke adoptie van kinderen wordt deze problematiek opgelost.Dossiers van voor dit decreet blijven een heikel punt.De spreekster verwijst naar haar schriftelijke vraagnr. 190 van 25 april 2008 over ‘Interlandelijke adoptie – Maatschappelijk onderzoek’. Uit het antwoordblijkt dat de Vlaamse Centrale Autoriteit geen kopies van oude dossiers meer krijgt sedert de inwerkingtredingvan het decreet van 15 juli 2005.IV. CONCLUSIEDe aanwezige leden zijn het unaniem eens met de conclusie van de minister en met het voorstel vande waarnemend voorzitter om het antwoord van de minister aan de indiener van het verzoekschrift tebezorgen.De verslaggever, De waarnemend voorzitter,Vera JANS Vera VAN DER BORGHT_______________Stuk 2100 (2008-2009) – Nr. 1 45 Stuk 2100 (2008-2009) – Nr. 1BIJLAGE:Antwoord van de heer Steven Vanackere,Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en GezinStuk 2100 (2008-2009) – Nr. 1 6Betreft: verzoekschrift van 14 juli 2008 over adopties in het verleden en hetarchiveren van die adoptiedossiersBij verzoekschrift dd. 14 juli 2008 diende de verzoeker twee verzoeken in.Een eerste verzoek betreft het verzoek om de archieven van de verschillende erkendeadoptiediensten in kaart te brengen met de vermelding welke overige archieven vanniet meer bestaande adoptiediensten zij ook beheren met als doel de zoekacties vande afstandsmoeders en adoptiekinderen te vergemakkelijken.Het tweede verzoek betreft de vraag naar uitleg over hoe het mogelijk is geweest dattoenmalige erkende diensten die voor adopties instonden anonieme bevallingen inFrankrijk konden laten gebeuren met de daarbij behorende onwettelijke adopties totgevolg.Archivering van de adoptiedossiers:De verzoeker geeft aan dat voor het zoeken in de archieven van Kind & Gezin de naamvan de afstandsmoeder én het kind vereist is. Om in de gearchiveerde dossiers tekunnen zoeken is of de naam van het geadopteerde kind vereist, ofwel de naam vande adoptanten.Hoewel het verzoekschrift enkel refereert naar binnenlandse adopties, lijkt hetaangewezen de wettelijke regeling voor archivering bij zowel de binnenlandse zowelals bij interlandelijke adoptie na te gaan.Binnenlandse adoptie:Voor de binnenlandse adopties wordt de regelgeving betreffende de dossiersweergegeven in het besluit van de Vlaamse Regering van 19 april 2002 betreffendeadoptiediensten die bemiddelen voor binnenlandse kinderen.Het besluit van 19 april 2002 geeft in de artikelen 27 tot en met 28 weer dat de dossiersbehandeld en bewaard worden door de adoptiediensten en enkel toegankelijk zijn viade coördinator. Betrokkenen kunnen toegang krijgen tot het dossier rekening houdendmet de bescherming van de privacy.Er mag niet uit het oog verloren worden dat de geadopteerde zelf steeds zijn afkomstkan achterhalen door een uittreksel van zijn/haar geboorteakte op te vragen.Voor binnenlandse adoptie werd nog geen regeling uitgevaardigd betreffende hetinzagerecht van de geadopteerde.Interlandelijke adoptie:Overeenkomstig artikel 30 van het Verdrag inzake de bescherming van kinderen en desamenwerking op het gebied van de interlandelijke adoptie (het verdrag van Den Haag)moeten de bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende staat zorg dragen voor debewaring van de in hun bezit zijnde gegevens omtrent de afkomst van het kind, metname de gegevens betreffende de identiteit van zijn ouders, alsmede de gegevens7 Stuk 2100 (2008-2009) – Nr. 1betreffende het medische verleden van het kind en zijn familie. De staat moet tevens -voor zover de wetgeving het toelaat - het kind of zijn vertegenwoordiger onderpassende begeleiding, toegang verschaffen tot deze gegevens.Deze verdragsrechtelijke verplichting is opgenomen in het interne recht in artikel 368-6B.W. dat voorziet dat de bevoegde autoriteiten zorgen voor de bewaring van degegevens waarover zij beschikken in verband met de herkomst van de geadopteerde,in het bijzonder deze betreffende de identiteit van zijn moeder en vader, en ook van degegevens die nodig zijn voor het volgen van zijn gezondheidstoestand, over hetmedisch verleden van de geadopteerde en zijn familie, met het oog op detotstandkoming van de adoptie en teneinde de geadopteerde, indien hij dit wenst, latermogelijk te maken zijn herkomst te achterhalen.De bevoegde autoriteiten moeten aan de geadopteerde of aan zijn vertegenwoordigerde toegang tot de gegevens verstrekken in de mate dat dit door de Belgische wet istoegestaan en er wordt een passende begeleiding verstrekt.Het verzamelen, bewaren en de toegang tot deze gegevens zou worden geregeld bijeen koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad. Dit KB is er nog niet.Er mag niet uit het oog verloren worden dat de geadopteerde zelf steeds zijn afkomstkan achterhalen door een uittreksel van zijn/haar geboorteakte op te vragen.Het is tevens van belang te verwijzen naar de wet van 8 december 1992 betreffende debescherming van de privacy van personen. Op basis van deze wet heeft degeadopteerde het recht zijn adoptiedossier te consulteren en zijn herkomst te kennen.Overeenkomstig artikel 25 van het decreet dd. 15 juli 2005 tot regeling van deinterlandelijke adoptie van kinderen is eenieder die in het bezit is van eenadoptiedossier van een derde verplicht een kopie van dat dossier te bezorgen aan deVlaamse adoptieambtenaar binnen vier maanden na de inwerkingtreding van hetdecreet. Hetzelfde decreet voorziet ook een inzageregeling in de artikelen 20 (taakadoptieambtenaar) en 26 waarbij het recht op inzage door de geadopteerdegewaarborgd wordt vanaf de leeftijd van twaalf jaar. De adoptieambtenaar kan dezeinzage op gemotiveerde wijze weigeren.Het is de taak van de adoptiediensten volledige dossiers samen te stellen en er eenkopie van over te maken aan de adoptieambtenaar.Artikel 14 § 5 van het Decreet dd. 15 juli 2005 tot regeling van de interlandelijke adoptievan kinderen voorziet dat de adoptiediensten binnen de 4 maanden na het afsluitenvan een dossier een kopie van dit dossier moeten overmaken aan deadoptieambtenaar.In artikel 28, § 3 en 4 van het Decreet dd. 15 juli 2005 tot regeling van de interlandelijkeadoptie van kinderen is de adoptant in het kader van een zelfstandige adoptie éniedereen die in het bezit is van een adoptiedossier en dit niet overhandigde mogelijkstrafbaar.Stuk 2100 (2008-2009) – Nr. 1 8M.b.t. het verzoekschriftDe verzoeker heeft gegevens opgevraagd bij de Vlaamse Centrale Autoriteitbetreffende de archivering van de binnenlandse adoptiedossiers.De gegevens van de gearchiveerde dossiers van de niet-erkende en gestopteadoptiediensten voor binnenlandse adoptie die zich in het archief van Kind & Gezinbevinden, werden opgespoord en meegedeeld aan de verzoeker.Verder werd tevens meegedeeld hoe de gearchiveerde dossiers over de jarenverspreid zijn in het archief van Kind & Gezin.Bij e-mail dd. 11 augustus 2008 werden aan de verzoeker door de Vlaamse CentraleAutoriteit beide voormelde documenten overgemaakt.Op zijn/haar vraag betreffende de hoeveelheid adoptiedossiers die zich nog inarchieven van de erkende adoptiediensten en de andere diensten bevinden, werd deverzoeker gevraagd zich voor het antwoord hierop te richten tot de erkendeadoptiediensten.Er werd tevens aangegeven dat een medewerkster van de Vlaamse Centrale Autoriteiteen oplijsting zou maken van diensten of personen die in het verleden bemiddeldhebben voor adoptie en niet langer erkend zijn.De Vlaamse Centrale Autoriteit heeft een aanzienlijke lijst van personenaangeschreven. Naar aanleiding van de vraag tot mededeling van de dossiers in hetbezit van deze instanties, kwam er enkel reactie van het UZ Leuven, adoptiedienst DeMutsaard en de Rechtbank van eerste aanleg te Gent.De overige instanties worden opnieuw aangeschreven en de gegevens zullen wordenverzameld door de Vlaamse Centrale Autoriteit.Aangezien de verzoeker aangeeft geen antwoord te hebben ontvangen van debinnenlandse adoptiediensten, behoudens hetgeen het Stedelijk Ziekenhuis Roeselaremeedeelde, schrijft de Vlaamse Centrale Autoriteit al deze diensten opnieuw aan.Er kan tevens meegedeeld worden dat aan alle binnenlandse adoptiediensten op hetgroot adoptieoverleg van 28 november 2008 gewezen werd op het belang van hetverzamelen van alle adoptiedossiers en het verlenen van inzage.In tweede instantie heeft de Vlaamse Centrale Autoriteit een oplijsting gemaakt vanallerlei diensten en organisaties (ondermeer ziekenhuizen en OCMW’s) die in hetverleden mogelijk met adopties in aanraking zijn gekomen en waarvan er in dearchieven derhalve nog adoptiedossiers kunnen te vinden zijn.Aan deze instanties wordt gevraagd of er in het verleden door hen bemiddeld werd bijadopties, of er nog dossiers in hun bezit zijn en of zij de Vlaamse Centrale Autoriteiteventueel de namen en/of gegevens van personen/instellingen kunnen meedelen die inhet verleden bemiddelden bij adopties.De doelstelling van de verzoeker om geboortemoeders op weg te helpen is ergmenselijk en lovenswaardig.9 Stuk 2100 (2008-2009) – Nr. 1Geboortemoeders/ouders kunnen terecht bij de adoptiedienst die bemiddelde en intweede instantie bij het Zoekregister. Deze professionele organisaties trachten dezepersonen en de geadopteerde kinderen verder te helpen. Daarnaast is er ook detrefgroep Kwadrant waarbinnen afstandsouders lotgenoten kunnen ontmoeten. Er dienttevens verwezen te worden naar de recente website www.geadopteerd.be. Het is duszeker zo dat er professionele bereiding voorhanden is voor afstandsouders, ongeachtof het een anonieme bevalling betrof of niet.Anonieme bevallingen:De verzoeker had de Vlaamse Centrale Autoriteit reeds gevraagd bij hoeveelgearchiveerde adoptiedossiers de geboorte in Frankrijk plaatsvonden. Er werd deverzoeker op 11 augustus 2008 reeds bericht van het feit dat het onmogelijk ishieromtrent een cijfer mee te delen. Gelet op het gegeven dat bij de archivering deplaats van de bevalling niet in de gegevensbestanden wordt opgenomen, is hetonmogelijk hierop een antwoord te geven. Gelet op de grote hoeveelheidgearchiveerde dossiers is het tevens onmogelijk ieder dossier afzonderlijk opnieuw tegaan nakijken.De eerste erkenningsronde van adoptiediensten dateert van 1989. De adopties naanonieme bevallingen die werden gerealiseerd door de diensten die toen erkendwerden verliepen steeds met medeweten van de rechtbanken en daarom kan er nietgesproken worden van onwettige adopties. Het kind, anoniem geboren in Frankrijk,kreeg in België een voogd via een procedure voor het vredegerecht en werd nadienlegaal in België geadopteerd.De medewerking van adoptiediensten aan anonieme bevallingen gebeurde in het kadervan de toen heersende tijdsgeest waarbinnen ongewenste zwangerschappen en hetkind daaruit geboren best voor iedereen werden verborgen.Er zijn nog bij verschillende binnenlandse diensten adoptiedossiers die uiteenvallen intwee groepen: dossiers waarin gegevens terug te vinden zijn van de natuurlijke oudersen dossiers waarin niets terug te vinden is. Deze diensten zijn bereid inzage teverlenen aan belanghebbenden.De verzoeker heeft al tal van diensten aangeschreven. De Vlaamse Centrale Autoriteitzal de verzoeker uitnodigen om na te gaan wat de mogelijkheden zijn. Steven VANACKERE

Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin

Verzoekschrift Vlaams Parlement - deel 4

Deze morgen heb ik een nota van het Vlaams Parlement ontvangen waarvan u de inhoud hieronder kunt lezen. Het verzoekschrift over de adopties in het verleden en het archiveren van adoptiedossiers is nog steeds in behandeling maar hun antwoordtermijn is verlengd tot 14 april 2009. 

Aan : mevrouw Marleen Adriaens

Datum : 7 januari 2009

Betreft : uw verzoekschrift van 14 juli 2008 over adopties in het verleden en het archiveren van adoptiedossiers 

Geachte mevrouw Adriaens, In een brief van 17 september 2008 deelde de voorzitter van het Vlaams Parlement u mede dat u een definitief antwoord op uw verzoekschrift over adopties in het verleden en het archiveren van adoptiedossiers mocht verwachten tegen 14 januari 2009 op zijn laatst.

De Commissie voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezin heeft de behandeling van uw verzoekschrift evenwel niet binnen de aangekondigde termijn definitief kunnen afronden wegens de complexe aard van dit dossier.De Commissie wenst daarom de antwoordtermijn te verlengen tot uiterlijk 14 april 2009.

Indien u hierover bijkomende inlichtingen…….

Ik hoop dat u begrip kunt opbrengen voor deze verlenging, die een grondiger behandeling van uw verzoekschrift mogelijk moet maken,

Hoogachtend,

Getekend

Luc MARTENS
Voorzitter van de Commissie voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezin

gelukkig 2009

aan iedereen die deze site bezoekt wens ik een heel gelukkig 2009, aan de moeders die hun kinderen zoeken wens ik een gelukkige afloop van hun zoektocht

marijke

discreet bevallen 2–bemerkingen

Op 13 december 08 werden onderstaande bemerkingen overgemaakt aan de Heer Minister van Justitie en aan de dames en heren politici die de wetsvoorstellen hebben ingediend. Ook de pers hebben we onze bemerkingen overgemaakt.

Discreet bevallen : Halloween- of Kerstverhaal?

Maralina, een belangengroep voor geboortemoeders èn adoptiekinderen heeft drie wetsvoorstellen, die ingediend zijn voor discreet bevallen, onder de loep genomen.
Wetsvoorstel ingediend door Mr. G. Swennen, 4-358/1;
Wetsvoorstel ingediend door Mr. Ph. Monfils, 4-152/1
Wetsvoorstel ingediend door de dames N. Lanjri, S. de Bethune, M. Smet en E. Van Hoof, 4-999.

Deze wetsvoorstellen werden gelezen door zowel geboortemoeders, geadopteerden, psychiatrisch opgeleid personeel en verschillende geïnteresseerden van belangengroepen rond adopties, die ons hun op- en bemerkingen hieromtrent hebben overgemaakt en die wij ingecalculeerd hebben in onderstaande tekst.
Om nu het Franse systeem, dat door Pétain gedurende WO II (1942) werd ingevoerd, in licht gewijzigde vorm in Belgie te introduceren, is een grote stap terug in de tijd. Pétain vaardigde een decreet uit voor ‘les enfants de la honte’(de ‘schaamtekinderen) die verwekt werden door de Duitsers tijdens de oorlog. Het gezin werd als enige betrouwbare hoeksteen van de maatschappij gezien en dit moest ten allen koste in stand gehouden worden. Echter deze ‘bodem’ gaat niet meer op: er zijn nu homohuwelijken, lesbische huwelijken, gemengde huwelijk etc… Er zijn geen Duitsers meer die de contreien bezetten en er is geen oorlog meer. Deze wetgeving zoals ze nu wordt voorgesteld, heeft veel meer te maken met economische redenen en met ‘kerkelijk misplaatste schaamte’. Aan die twee oorzaken van afstand voor adoptie is veel te doen. Deze twee ‘argumenten’ moeten eerst aangepakt worden eer men over adoptie gaat nadenken. Zolang deze niet voldaan zijn, kan er niet aan afstand gedacht worden. Een kind is niet beter dan bij zijn moeder.
En dus lijkt het erop dat men met zo’n nieuwe wet eerder afstaan wil stimuleren, om (hernieuwd) toegang te krijgen tot adoptiekinderen…
Vooreerst willen wij opmerken dat wij opteren voor de volledige vrijgave van de identiteit van de moeder aan het kind, als het kind hier om vraagt en dat verder in dit artikel zal worden toegelicht. Deze regelgeving zou er tenminste voor zorgen dat de rechten van het kind worden erkend!!!
Vooraleer er een wetgeving mag komen is een grondige studie hierover nodig. (Zie voorgaande opmerkingen). Een studie die moet worden verrijkt door ervaringen van geboortemoeders die hun kind al dan niet noodgedwongen hebben afgestaan. Het is alleen deze groep vrouwen die ons kunnen zeggen hoe er moet tewerk gegaan worden. Maar ook aan de kant van de geadopteerden dient dringend een objectieve studie verricht te worden om EERST EN VOORAL de problematiek hieromtrent te begrijpen alvorens men ze in wetten gaat gieten. Er is nooit onderzoek gedaan naar de gevolgen van adoptie voor de geadopteerden. Laat ons eerst statistisch vastleggen hoeveel geadopteerden er goed bij gevaren zijn met hun adoptie, hoeveel er ernstige stoornissen hebben aan overgehouden, hoeveel er zelfmoord hebben gepleegd en hoeveel er in de psychiatrie zijn beland!! Laat ons in die studie ook opnemen hoeveel geadopteerden liever niet geadopteerd hadden geweest en bij hun natuurlijke moeder hadden willen blijven, mochten zij daartoe de keuze hebben gehad. Een derde vergeten groep zijn de adoptanten. Wat willen zij? Hoe zien zij de dingen? Zonder de bevindingen van deze 3 partijen is het onmogelijk een degelijke wetgeving in te voeren!
Nadat men het positieve van adoptie afgewogen heeft op het negatieve, kan men pas degelijke wetten opstellen. Je kan geen huis beginnen te bouwen zonder plan en zonder te weten hoeveel en welke materialen je nodig hebt. En dat is juist wat wij in deze voorstellen missen. Men begint hier lukraak te bouwen zonder plan of enige organisatie, laat staan dat men weet met welke materialen men zal bouwen.
In de toelichting bij 2 wetsvoorstellen wordt onder de Franse Wetgeving het volgende vermeld : het Franse systeem van anoniem bevallen, is zwaar onder druk te komen staan door aanhoudend protest van de kinderen in België en Frankrijk, geboren uit anonieme bevallingen (X-kinderen). In het verleden is van het systeem “anoniem bevallen” immers op grote schaal misbruik gemaakt. Belgische, zwangere vrouwen werden door “hulpverleners” van erkende opvanghuizen en -adoptiediensten naar Frankrijk gereden om aldaar anoniem te bevallen. Met of tegen hun wil werd hun kind hen ontnomen dat reeds enkele dagen na de geboorte, de grens naar België werd over gesmokkeld om hier ter adoptie te worden afgestaan. In vele gevallen was de baby reeds “verkocht” alvorens het geboren was. Men kan hier spreken van een bevalling/adoptie op bestelling.
Dit wetsvoorstel mag niet de kans geven tot herhaling van het verleden. Er moet een grondige controle gebeuren op de gehele procedure en deze controle mag zeker niet door personeel of diensten uitgevoerd worden, dat verbonden is of uitstaans heeft met adoptiediensten.
Tevens vermeldt men in de toelichting van enkele wetsvoorstellen het volgende : “In het Franse systeem kunnen de geboorteouders nog steeds elke vrijgave weigeren van inlichtingen aan het X-kind aangaande hun identiteit en dergelijke. Het lijkt erop dat het respect voor het privéleven van de geboortemoeder zwaarder doorweegt dan het recht op kennis van de oorspronggegevens van het X-kind.“ Na grondig onderzoek van de 3 wetsvoorstellen constateren wij dat het respect voor het privéleven van de geboortemoeder /-vader nog steeds primeert op de kennis van afstamming van het kind! Niets is veranderd, zo zal blijken uit onderstaande punten.
Is discreet bevallen een alternatief voor anoniem bevallen?
Volgens het wetsvoorstel van Mr. Swennen wensen de X-kinderen al geruime tijd een wettelijke regeling van de discrete bevalling. Wel, Mr. Swennen, de geadopteerden, waaronder X-kinderen, die wij hebben aangeschreven of mondeling de vraag hebben gesteld of zij dit wensten, waren zonder één uitzondering allemaal tegen dit wetsvoorstel!
En het woord “X-kind “alleen al, zegt genoeg. X = ongekend, wat volgens ons zoveel betekent dat het X-kind in feite geen of weinig rechten zal toegekend krijgen na zijn geboorte en we zijn hier heel dicht bij de waarheid.
Wat bij de zoektocht van het kind naar de geboortemoeder?
Er wordt, volgens de wetsvoorstellen, een nationaal gesloten register bijgehouden waarin zich twee lijsten bevinden.
Maralina vindt dat dit nationaal gesloten register NOOIT kan bijgehouden worden door een dienst dat ook maar iets met adopties te maken heeft. Wij zien liefst een onafhankelijke dienst los van adoptiediensten. Enerzijds hebben adoptiediensten in het verleden al genoeg bewezen dat het hen vooral om de financiële kant van de zaak gaat, dan wel om het welzijn van moeder, kind en adoptanten. Anderzijds moeten excessen als het aanbieden van baby’s op internet zwaar bestraft worden. Dat kan alleen als er geen financiële kanten worden gekoppeld aan adoptie. We moeten deze problematiek benaderen zoals de euthanasie wordt benaderd: minstens drie onafhankelijke artsen, psychiaters, psychologen en/of rechters moeten bijeen komen om zich over een te adopteren kind te buigen. Deze moeten de argumentatie van de moeder en de adoptanten bestuderen en naar een oplossing streven waarbij in eerste instantie naar oplossingen gezocht wordt om het kind bij de natuurlijke moeder te houden en indien dit echt niet kan, over te gaan naar een adoptie. het kind later, als het mondig wordt, kan geconsulteerd worden over zijn/haar mening. Een opvolging van elk geadopteerd kind is dus belangrijk in deze.
Wat betreft deze twee lijsten : Eén lijst bevat algemene informatie over de moeder (fysische kenmerken, profielschets, noodzakelijke (erfelijke) gegevens, eventuele persoonlijke boodschap van de moeder of de ouders, eventueel de reden van afstand, enz..). Nergens wordt gewag gemaakt of deze lijst verplicht moet bijgevoegd worden. Indien dit niet het geval is, heeft het kind geen voet om op te staan en zal geen algemene gegevens vinden over zijn afstamming, wat toch zeer noodzakelijk is!!
Een heel belangrijk punt voor een X-kind is te weten waarom de geboortemoeder hem heeft afgestaan. Dit zou verplicht in deze lijst moeten vermeld worden door middel van een handgeschreven document van de moeder en door een beëdigd persoon geconfirmeerd. Dit om te voorkomen dat de geschiedenis zich herhaalt. Zo hebben verschillende getuigen kasten vol aandenkens, lades propvol met kleine prulletjes gezien, bij de adoptiedienst “l’Oeuvre de tous Petits” in Lille, die de geboortemoeders voor hun baby’s hadden achtergelaten. Gouden arm- en halsbandjes, knuffels, een briefje met uitleg…. De adoptiediensten vonden het niet nodig om dit mee te geven met het kind. Deze prulletjes liggen er nog steeds, aandenkens van duizenden moeders aan hun kindjes. Die prulletjes alleen al zijn van cruciaal belang voor het kind. Het is een teken van liefde, van spijt, van onmacht, van wanhoop van de geboortemoeder. Niemand heeft het recht dit het kind of de moeder te ontzeggen. Als er geen algemene informatie over zijn roots worden gevoegd in de eerste lijst, staat het kind dan bijna niet even ver als dat het anoniem in Frankrijk geboren was?? Heeft men dan nog steeds niets geleerd uit de ervaringen (trauma’s)die de geboortemoeders, die anoniem bevallen zijn, hebben opgedaan en de trauma’s die de X-kinderen met zich mee moeten slepen?
Een tweede lijst bevat dezelfde gegevens samen met de identiteit van de moeder. Deze mag enkel aan het kind kenbaar gemaakt worden indien de geboortemoeder hiermee instemt!!! Zoals reeds gezegd, opteren wij voor een volledige vrijgave van de identiteit van de moeder aan het kind als het op een bepaalde leeftijd gekomen is en hierom vraagt! Doch dit mes snijdt aan twee kanten. Men moet ook rekening houden met de geboortemoeder die een nieuw leven heeft opgebouwd en waarschijnlijk haar geheim nooit naar buiten heeft gebracht. Een andere oplossing zou zijn, om met de geboortemoeder op dat moment een discrete afspraak te maken en haar in te lichten over haar kind door middel van een dossier, dat samen met het kind samengesteld werd. Hierin kunnen foto’s zitten van het opgroeiende kind, zijn/haar verhaal, de motivatie om de natuurlijke moeder te leren kennen, of een vragenlijst die aan de moeder kan gesteld worden en die uitgaat van het kind. Als de moeder het kind op die manier, niet rechtstreeks moet leren kennen, zal ook haar interesse en nieuwsgierigheid gewekt worden om dat kind beter te leren kennen. Er moet eerst een onrechtstreekse band tussen moeder en kind worden gevormd alvorens men eventueel tot een samenkomen kan overgegaan. Dit in het belang van beide partijen. Dit moet natuurlijk gebeuren, en daar drukken wij op, door professionele begeleiding buiten de adoptiediensten om.
Een volgend punt, dat wij willen aangepast zien is de leeftijd van de kinderen waarop de lijsten mogen geconsulteerd worden. Mr Swennen schrijft in zijn wetsvoorstel “De lijst met algemene informatie zou door het kind ingezien mogen worden op de leeftijd van 16 jaar. Op elke leeftijd van het kind kunnen de wettelijke voogden al inzage vragen.” Bij navraag aan adoptiekinderen, blijkt dat de meeste kinderen vragen over hun roots beginnen te stellen rond de leeftijd van 11 à 12 jaar. Moeten zij dan nog 4 traumatische jaren wachten vooraleer zij ook maar iets van hun roots kunnen vernemen, zeker als de adoptieouders geen gewag maken om deze inlichtingen op te vragen??!!
De afstammingslijst die de identiteit van de moeder bevat kan door het kind van 16 ingezien worden als het daarvoor een verzoek indient mits tussenkomst van professionele begeleidingsdiensten en mits de geboortemoeder hiervoor toestemming heeft gegeven. Mr. Monfils en de dames politici opteren voor de leeftijd van 18 jaar en deze leeftijd wordt door de adoptiekinderen ook verworpen. Doch indien de geboortemoeder weigert om de vrijgave van haar identiteit, mag men deze niet kenbaar maken en blijft het kind achter met de gemengde gevoelens dat het voor een tweede maal wordt verstoten! Toch zouden er al heel veel psychologische problemen voor het adoptiekind opgelost zijn als er een goed gedocumenteerd en gemotiveerd rapport, door de moeder opgesteld, ter beschikking zou zijn. Vaak is het voor een adoptiekind voldoende om te weten waarom en hoe de afstand tot stand is gekomen.
In de VS is een gedeeltelijke opheffing van de afkomst toegestaan als het om medische redenen gaat. Er worden van de natuurlijke moeder gegevens verzameld over haar medische achtergronden. Als later blijkt dat het adoptiekind deze gegevens nodig heeft, kunnen deze vrijgegeven worden, zonder de naam van de geboortemoeder/-vader vrij te geven. Zeker als het om geestesziekte gaat in de familie, daar vele vormen van psychiatrische problemen erfelijk zijn.
Het zou ook mogelijk moeten gemaakt worden dat een DNA-staal van de moeder wordt bewaard. Dit omdat we uit ervaring weten dat de adoptiediensten met de waarheid kunnen spelen en “moeders” aan X-kinderen presenteren die hun moeder helemaal niet is!! Indien een kind op zoek is naar zijn geboortemoeder, is het dan ook nodig om het DNA van de aanvrager op te vragen en in een databank, waar het DNA van de moeder bewaard wordt, naar een match te zoeken. Dan is er alvast geen discussie meer mogelijk!!!! Het presenteren van ‘valse’ afstandsmoeders moet strafbaar gesteld worden. Anders blijven deze praktijken zich voordoen.
Hoe en door wie wordt het kind ingelicht dat het de lijst(en) kan inzien??
Wij opteren een grondige professionele en periodieke begeleiding voor, met de nodige opvolging van het kind. Het gebeurt dat de adoptieouders het kind niet of te laat inlichten dat het geadopteerd is. Dit kan grote traumatische gevolgen hebben voor het kind. De opvolging van het kind kan deze traumatische ervaring aan banden leggen door het adoptiekind als de leeftijd van bv. zes jaar heeft bereikt en eventueel de adoptieouders op te roepen voor een afzonderlijk, begeleidend gesprek en zorgen voor begeleiding achteraf als dit nodig blijkt. Idem op de leeftijd van 12 jaar en ook voor het de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt. Met de nodige professionele begeleiding zouden deze kinderen, indien ze erom verzoeken, de lijst met de algemene info reeds kunnen inzien op 12-jarige leeftijd. Idem voor een 16-jarige als deze verzoekt om de afstamming van zijn geboortemoeder te kennen.
Mr. Swennen schrijft zelf in zijn wetsvoorstel dat de invloed van het niet-kennen van zijn “roots” niet mag worden onderschat. Een afstandskind, (ook alweer een woord om kippenvel van te krijgen), leeft hiermee dag in dag uit, hetgeen vaak ontaardt in hopeloze zoektochten. Bovendien zal de wetenschap te zijn “afgestaan”, geen goede invloed hebben op de ontwikkeling van het kind. Het kan ontaarden in depressies en het vluchten in slechte relaties. Wij voegen daar nog aan toe dat de psychologische gevolgen zelfs kunnen leiden tot zelfverminking en zelfmoord!!! En met deze wetenschap in het achterhoofd dient men toch een wetsvoorstel in waarvan men weet dat het nadelig zal zijn voor het kind!
En de geboortemoeder?
Mevr. Lanjri zegt in een interview met het Nieuwsblad op 10/11/2008 dat er behoorlijk wat zwangere meisjes gaan bevallen in Frankrijk omdat ze dat ginder wèl discreet en veilig kunnen. Dan stellen we een concrete vraag. Hoeveel zwangere meisjes? Is er hier ooit onderzoek naar gedaan of “denkt” men alleen dat het er behoorlijk veel zijn?
Soms wordt er een onderzoekscommissie opgericht voor een wetsvoorstel waarvoor degelijk onderzoek werd gedaan. Maar voor rechten van een moeder en kind te vrijwaren, is dat misschien te veel gevraagd.
Het wetsvoorstel van Mr. Monfils stelt dat wat de redenen ook mogen zijn om anoniem te bevallen (hij spreekt steeds over anoniem bevallen) die zeer verscheiden kunnen zijn (JONGE meisjes die ontdekken dat ze zwanger zijn en hun familie daar niet mee willen confronteren….) Wie bedoelt Mr. Monfils met “jonge meisjes”? Minderjarigen??? Kunnen zij discreet bevallen? Mogen zij dat zomaar beslissen? Zijn ze daarvoor bevoegd? En als het daadwerkelijk over minderjarigen gaat, wat doet men dan met het strafrechtelijke luik van dit gegeven? Wordt de dader/vader dan gestraft of gaat die weer vrijuit? (Seksuele omgang met een minderjarige!!)
“Met het gesloten register (waarin zich de 2 lijsten bevinden) kan een afstandsmoeder opzoeken hoe het met het kind gaat. Ook de (vermoedelijke) vader kan toegang krijgen tot het register.” Kan een geboortemoeder bij een volle adoptie van het kind, toegang krijgen tot gegevens van het kind? Lijkt me onwaarschijnlijk toch? Een volle adoptie snijdt alle banden met de geboortemoeder af. Of opteert men hier dat voor X-kinderen enkel een gewone of open adoptie kan ingeroepen worden? Wat wij natuurlijk toejuichen. Maar waarom geen systeem zoals bij Foster Parents? Waarbij de mensen die een financiële bijdrage leveren voor de opvoeding van een kind, foto’s krijgen toegestuurd, berichten over de ontwikkeling van het kind en dergelijke? Waarom kan een dergelijke werkwijze niet overwogen worden in deze problematiek? Of ooit over pleegvoogdij gehoord?
De dames politici vermelden in hun wetsvoorstel dat bij een geschiedenis van geweldpleging het bijvoorbeeld kan zijn dat de vrouw oordeelt dat het beter is voor haar eigen veiligheid en dat van haar ongeboren kindje dat ze kiest voor een discrete bevalling. Dames, moet men eerst niet proberen om aan dat probleem van geweldpleging een oplossing te bieden? Anger management bijvoorbeeld? Waarom heeft een man het recht gewelddadig te blijven zonder sancties, terwijl de vrouw zich hierdoor gedwongen ziet om haar kind af te staan?
Men mag zeker niet uit het oog verliezen dat de hulp naar de geboortemoeder toe niet op normale psychologische verschijnselen mag gericht worden. Deze problematiek ligt veel dieper en emotioneler dan men soms denkt. Alle geboortemoeders moeten zowel vooraf als na de geboorte professioneel worden begeleid en moeten een begeleide bedenktijd krijgen van tenminste ZES maanden! Dit in tegenstelling met de wetsvoorstellen van Mr. Monfils en de dames politici die opteren voor 2 maanden bedenktijd!!! De bevalling en de afstand is voor de geboortemoeder zo ingrijpend en mentaal en emotioneel zeer zwaar. Daarom moet ze de kans krijgen om dit op een aan haar aangepast tempo te kunnen verwerken. Bij een post-natale depressie rekent men minstens één tot anderhalf jaar voor gedeeltelijke verwerking. De bevalling met nadien de afstand van het kind kan men vergelijken met PTSS (post-traumatisch stressyndroom) en zelfs met degelijke, professionele begeleiding heeft men meer dan twee maanden nodig om genezing te bevorderen.
Een humane en goed opgeleide dienst, kan hierbij de begeleiding doen voor het kind èn de geboortemoeder. Als de moeder veel later opteert om haar kind alsnog te behouden dat zij door omstandigheden, buiten haar wil heeft moeten afstaan, moet deze dienst haar en het kind professioneel kunnen begeleiden en op een getrainde manier de familie helpen inlichten over het bestaan van een kind waarvan niemand weet heeft. De adoptanten moeten over al deze zaken ingelicht worden. Men kan ze moeilijk in de waan laten dat ze een kind adopteren om het na twee jaar weer te moeten afstaan. Met een kind mag niet geleurd worden. Maar niets staat een driehoeksverbinding in de weg. Als de adoptanten contact kunnen houden met de natuurlijke moeder onder begeleiding, zou dit al een oplossing kunnen bieden.
Discreet bevallen zou in het leven worden geroepen om de moorden op pasgeboren baby’s te voorkomen. Men kan dit ook voorkomen met andere middelen, zoals preventie, goede en begeleide opvang door professioneel personeel… Heeft men ook maar één moment overwogen dat discreet bevallen een gevolg kan zijn van minder goede preventie? Is het niet zo dat door het afschaffen van bepaalde lesuren moraal in scholen, er minder aandacht kan besteed worden aan preventie en degelijke informatie? Heeft de school dan geen opvoedend karakter meer? Moet men hier de wortels niet gaan zoeken van de latere gevolgen tot discreet bevallen? Kan men niet beter voorkomen dan genezen?
Wie betaalt de medische kosten?
Enkel Mr. Monfils heeft aan de medische kosten gedacht in zijn wetsvoorstel. Hij opteert dat de kosten van de discrete bevalling ten laste zijn van het Bijzonder solidariteitsfonds, dat is opgericht bij de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen. Als de moeder na de bevalling het kind erkent, is de bevalling niet meer anoniem en wordt de tegemoetkoming uitgekeerd volgens de voor een gewone bevalling geldende regeling.

Indien de wetsvoorstellen toch doorgang vinden, vragen wij zeker rekening te houden met volgende aandachtspunten :
Het belang en de rechten van het adoptiekind en geboortemoeder moeten gerespecteerd worden.
We drukken er nogmaals op dat de wetgeving er moet voor zorgen dat er objectieve controle gevoerd zal worden, dat deze controle door onafhankelijke diensten moet gebeuren, los van de adoptiediensten.
De moeder moet schriftelijk op de hoogte worden gebracht van de wet en haar rechten en dit in begrijpbare taal.
De leeftijdsvoorwaarden om de lijsten van het gesloten register te mogen inzien moeten herzien worden.
En moet een degelijke, professionele, periodieke begeleiding mogelijk gemaakt wordt voor moeder en kind, dat losstaat van de adoptiediensten. Deze begeleiding moet ook mogelijk zijn indien de geadopteerde en/of geboortemoeder er jaren later nood aan heeft.

Enkele vragen blijven nog open :
Zou de wet op discreet bevallen enkel van toepassing zijn op zwangere vrouwen die in België wonen? Of wordt ons land ook opengesteld voor buitenlandse vrouwen die discreet wensen te bevallen? Hoe gebeurt de controle hierop? Hoe kan men verzekeren dat het kind dan ooit zijn geboortemoeder kan vinden? Is het toelaten van discreet bevallen voor buitenlandse vrouwen geen open weg voor mogelijke malafide praktijken? Wie betaalt de bevallingskosten van deze buitenlandse vrouwen?
Kan de geboortemoeder/ geadopteerde steeds terugvallen op een begeleidende dienst als dit jaren later nodig zou blijken?

Getekend,
Carine Hutsebaut
Elise Vandevenne
Marleen Adriaens
www.bloggen.be/maralina
http://adoptie.mijnwp.be/
marleen.adriaens@gmail.com
0477 / 21.34.93

discreet bevallen —wetsvoorstel

Belgische Senaat
ZITTING 2007-2008
6 NOVEMBER 2007

——————————————————————————–

Wetsvoorstel tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek om het bevallen in discretie mogelijk te maken
(Ingediend door de heer Guy Swennen)

——————————————————————————–

TOELICHTING

——————————————————————————–

Dit wetsvoorstel neemt de tekst over van een voorstel dat reeds op 8 februari 2007 in de Kamer van volksvertegenwoordigers werd ingediend (stuk Kamer, nr. 51-2900/001).Een ongewenst zwangere vrouw heeft niet veel mogelijkheden in België. Ofwel breekt ze de zwangerschap vroegtijdig af, ofwel bevalt ze officieel en staat ze het kind af voor adoptie. Helaas zijn er daarnaast ook nog een aantal clandestiene bevallingen, met in het beste geval een wegwerpkind tot gevolg (cf. vondelingenschuif).Een ongewenst zwangere vrouw die de stap niet zet naar een clandestiene bevalling, en die de zwangerschap niet vroegtijdig wil beëindigen, kan in België enkel « officieel » bevallen. Dat brengt met zich mee dat de identiteit van de moeder en/of de vader vermeld zal worden in de geboorteakte.Voor een aantal ongewenst zwangere vrouwen is die identificatie een probleem. Ze wensen afstand te doen van het kind, zonder hun gegevens achter te laten. Op die manier kunnen zij en hun omgeving in de toekomst niet worden geconfronteerd met de ongewenste zwangerschap, en met de persoon of de omstandigheid die ze heeft veroorzaakt. Die vrouwen gaan op zoek naar een mogelijkheid om in de volledige anonimiteit te bevallen. In België bestaat er geen legale mogelijkheid om anoniem te bevallen.De Franse wetgeving : anoniem bevallen, erg bekritiseerdEen ongewenst zwangere vrouw die anoniem wil blijven, kan onder meer terecht in Frankrijk. Een derde van de vrouwen die in Rijsel anoniem bevallen, is afkomstig uit België. Het Franse systeem van de anonieme bevallingen (« accouchement sous X ») laat de biologische ouders toe hun identiteit geheim te houden en geen enkele inlichting te geven bij de geboorte van het kind. De geboorteakte vermeldt enkel een X waar normaal de naam van de ouders zou moeten voorkomen. Het kind wordt onmiddellijk na de geboorte toevertrouwd aan een instelling met het oog op een adoptie.Het Franse systeem is echter zwaar onder druk gekomen door aanhoudend protest van de X-kinderen in Frankrijk en België. Ze vinden het onaanvaardbaar dat ze niet bij machte zijn hun geboorteouders op te sporen. In een poging de rechten van de X-kinderen te verzoenen met het recht van de ouders om anoniem te blijven, stuurde Frankrijk de procedure van de anonieme bevalling in 2002 bij. Er werd een Nationale Raad voor toegang tot persoonsgegevens opgericht. Via die Raad kunnen X-kinderen een poging ondernemen om hun biologische oorsprong te achterhalen.De wetswijziging stelt het recht van de geboorteouders om hun identiteit geheim te houden niet in vraag.Indien de geboorteouders dat wensen, kunnen ze nog steeds elke vrijgave weigeren van inlichtingen aan het X-kind. Het lijkt erop dat in Frankrijk het respect voor het privéleven van de geboortemoeder zwaarder doorweegt dan het recht op kennis van de oorspronggegevens van het X-kind. Ook na de wijziging van 2002 is er in Frankrijk geen evenwicht tot stand gekomen tussen de rechten van de geboortemoeder en het X-kind.Een Frans X-kind, Pascale Odièvre, stapte naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, dat op 13 februari 2003 uitspraak heeft gedaan (1) .Pascale Odièvre riep voor het Hof in dat ze geschaad is in haar recht op eerbiediging van het privéleven, omdat de Franse wet het recht van de geboortemoeder om anoniem te blijven laat primeren op het recht van het afstandskind om de geboortefamilie te kennen. Deze schending heeft volgens Odièvre ernstige discriminerende gevolgen, zoals het niet op de hoogte kunnen zijn van een risico op erfelijke aandoeningen en het niet kunnen erven van de natuurlijke ouders.Een meerderheid van tien tegen zeven Europese rechters volgt de redenering van Odièvre niet. De Franse wetgever beschikt volgens het Hof over een marge die toelaat in het algemeen belang af te wijken van het recht op een privé-leven van een X-kind. Dat belang is aanwezig, namelijk het voorkomen van abortussen en wegwerpkinderen. Deze afwijking wordt — steeds volgens het Hof — zo beperkt mogelijk gehouden door de afstandskinderen inzage te geven in gegevens over de geboortemoeder, maar zonder diens identiteit vrij te geven. Het Hof wijst erop dat Frankrijk via de Nationale Raad voor toegang tot persoonsgegevens hulp biedt bij het samenbrengen van afstandskind en geboortemoeder, evenwel enkel als deze laatste instemt met de ontmoeting en het vrijgeven van haar identiteit. Het recht van het afstandskind om de geboortefamilie te kennen is niet meer waard dan het recht van de geboortemoeder om anoniem te blijven. En dus geldt het algemeen belang als arbiter.Volgens het Hof is er evenmin sprake van enige discriminatie. Het afstandskind erft, zoals andere geadopteerde kinderen, van de adoptieouders en krijgt inzage in essentiële gegevens. Tot de groep van 7 rechters die het niet eens zijn met de zienswijze van de meerderheid van het Hof behoort de Belgische Françoise Tulkens. Ze erkent het recht voor ieder mens op toegang tot zijn origine en op kennis van de identiteit van de natuurlijke ouders. Ze wijst erop dat naast de anonieme bevalling er andere en betere mogelijkheden zijn om het algemeen belang, het belang van de afstandsmoeder en het belang van het afstandskind te verzoenen, namelijk de « discrete » bevalling.Discrete bevalling als evenwichtig alternatief voor anoniem bevallenBij een discrete bevalling blijven de gegevens van de ouders verborgen, maar heeft het afstandskind recht op toegang tot die gegevens (inclusief de identiteit) bij het bereiken van een bepaalde leeftijd en mits het doorlopen van een bepaalde procedure.In België wensen de X-kinderen, de Federatie van Erkende Vlaamse Adoptiediensten, de Nederlandstalige Vrouwenraad en andere vrouwenorganisaties al geruime tijd een wettelijke regeling van de discrete bevallingen. Ze steunen daarbij onder andere op een advies uit 1998 van het Raadgevend Comité voor Bio-ethiek (2) .Het comité buigt zich over de vraag of het wenselijk is in België anonieme bevallingen in te voeren. De voorstanders van de anonieme bevalling stellen dat er een confrontatie plaatsvindt tussen twee waarden, namelijk het leven van het kind en het recht van elke persoon om zijn biologische moeder te kennen, waarbij de beveiliging van het leven van het kind prioritair is. De tegenstanders vinden het onaanvaardbaar dat kinderen van hun wortels worden afgesneden, en dat het zoeken naar de afstammingsband nooit onmogelijk mag worden gemaakt.Het algemeen besluit van het Comité luidt :« Situaties waarin de anonieme bevalling zich als een mogelijkheid voordoet, liggen op menselijk vlak moeilijk. Volgende tegenstrijdige aspecten zijn daarbij betrokken : de noodsituatie van de toekomstige moeders, de bescherming van gezondheid en leven van de kinderen, maar tevens de problemen die zich later kunnen voordoen inzake afstamming en die zowel voor de moeder als voor het kind pijnlijk kunnen zijn. Op grond daarvan meent het Comité een wijziging van de huidige situatie te kunnen aanbevelen. Het Comité beoogt daarbij zowel het kind te beschermen als tegemoet te komen aan de noodsituatie van de moeders die hun moederschap, zelfs juridisch, niet kunnen waarmaken. ».Een systeem van bevallen in discretie is een eerlijke oplossing om het X-kind te beschermen zonder de belangen van de « anonieme » moeders uit het oog te verliezen. Bevallen in discretie staat toe dat de naam van de moeder niet vermeld wordt in de geboorteakte, maar wel in een gesloten register, dat enkel toegankelijk kan zijn mits een bepaalde procedure wordt doorlopen en mits zowel de moeder als het kind daartoe toestemming hebben gegeven.Het kind zal toestemming kunnen verlenen vanaf de leeftijd van zestien jaar. De grens wordt bepaald op deze leeftijd, omdat het niet is aangewezen zo een gewichtige en emotionele beslissing toe te vertrouwen aan een kind van twaalf jaar. Een kind is op die leeftijd daarvoor emotioneel nog niet rijp genoeg. Kinderen in de puberteit die op weg zijn naar adolescentie gaan vaak door een moeilijke en verwarrende periode. Zij worden geconfronteerd met vele veranderingen : fysisch, seksueel, emotioneel in het kind, maar ook in de relatie tussen kind en ouders en sociaal met de meer belangrijker wordende leeftijdsgenoten. Kinderen gaan in die periode van hun leven door verschillende fases van ontwikkeling, waarbij ze in conflict raken met zichzelf en met hun omgeving. Ze ervaren puberteit, vroege adolescentie, intellectuele ontwikkeling, enz. Zij zitten op een roetsjbaan van gevoelens. Het lijkt dan ook niet aangewezen hen nog meer te verwarren door hen de verantwoordelijkheid te laten nemen al dan niet de ontmoeting aan te gaan met de afstandsmoeder. Al het noemenswaardige wat een kind in de puberteit meemaakt, zal onvermijdelijk een stempel drukken op de verdere ontwikkeling van het kind. Het is dan ook belangrijk ervoor te zorgen dat deze ontwikkeling in de best mogelijke omstandigheden verloopt en dat een kind slechts in de procedure betrokken wordt wanneer het op een leeftijd is gekomen waarop het rationeel met zijn gevoelens kan omspringen.Het systeem behoudt de voordelen van de anonieme bevalling, maar elimineert de negatieve gevolgen ervan. Een zwangere vrouw die het om een of andere reden wenst kan haar zwangerschap of bevalling geheimhouden. De geboorte gebeurt onder professionele begeleiding en in de beste omstandigheden. De moeder kan, indien zij dit wenst, ook na de geboorte begeleid worden.Begeleiding is een absolute noodzaak, enerzijds om de gezondheid van moeder en kind te vrijwaren, anderzijds omwille van de psychische problemen waarmee de moeder zowel vóór, tijdens als na de bevalling wordt geconfronteerd. Vóór de bevalling is het belangrijk dat de moeder wordt begeleid, zodat zij weet dat zij niet alleen staat.Zij zal beter kunnen omgaan met de gevoelens van schande, schaamte, teleurstelling, enz. waarmee zij ongetwijfeld te maken krijgt. Een passende begeleiding zal er ook toe bijdragen dat de moeder een weloverwogen beslissing kan nemen. In bepaalde gevallen kan allicht zelfs worden voorkomen dat de vrouw werkelijk tot afstand overgaat. Bovendien wordt gewaarborgd dat de bevalling zal plaatsvinden in een goed ziekenhuis met de nodige en fatsoenlijke medische bijstand.Het spreekt voor zich dat ook begeleiding ná de bevalling cruciaal is. Niet zelden gaan afstandsmoeders achteraf door een zeer moeilijke, traumatische periode, waarbij zij telkens opnieuw de confrontatie met hun daden en de vaak daarmee gepaard gaande schuldgevoelens moeten aangaan. Vele jaren later worden zij nog steeds geconfronteerd met pijn en verdriet. Vaak vluchten zij weg in een tot mislukken gedoemde relatie, ter vervanging van het kind. Deze vrouwen hebben in vele gevallen het gevoel dat zij bij niemand terechtkunnen met hun problemen. Hierdoor dwingen zij zichzelf te doen alsof er niets gebeurd is. Toch moeten zij er dag en nacht mee leven en worden zij er telkenmale opnieuw mee geconfronteerd (bijvoorbeeld op de verjaardag van het kindje). Niet zelden vervallen deze vrouwen in een depressie. Een adequate psychologische begeleiding kan hen helpen vrede te nemen met het verleden.Ook het kind zal nood hebben aan begeleiding en zal daarom een beroep kunnen doen op bijstand. De invloed van het niet-kennen van zijn « roots » mag niet worden onderschat. Een afstandskind leeft hiermee dag in dag uit, hetgeen vaak ontaardt in hopeloze zoektochten. Bovendien zal de wetenschap te zijn « afgestaan » geen goede invloed hebben op de ontwikkeling van het kind. Het kan ontaarden in depressies en het vluchten in slechte relaties. Het spreekt dan ook voor zich dat ook de afstandskinderen een passende begeleiding moeten krijgen om zich terug geborgen te kunnen voelen.Met het gesloten register kan een afstandskind later de afstammingsbanden opzoeken, niet op eigen houtje, maar met hulp en begeleiding van een professionele dienst. Een afstandsmoeder kan opzoeken hoe het met haar kind gaat. Ook de (vermoedelijke) vader kan toegang krijgen tot het register.Concreet zien we één nationaal gesloten register, dat wordt bijgehouden door een dienst die voldoende heeft bewezen in staat te zijn tot begeleiding van afstandsmoeders en -kinderen. Het register zal twee lijsten bevatten : één lijst met algemene informatie over de moeder (fysische kenmerken, profielschets,noodzakelijke (erfelijke) gegevens, eventuele persoonlijke boodschap van de moeder of de ouders, eventueel de redenen waarom en de omstandigheden waarin afstand werd gedaan, enz.) zonder dat daarbij de identiteit van de moeder kenbaar wordt gemaakt. Op deze wijze kan men tegemoetkomen aan de wens van het kind, dat niet de behoefte heeft zijn moeder te leren kennen. Daarnaast zal het register een lijst bevatten waarop dezelfde informatie zal voorkomen maar eveneens de naam van de moeder.De wettelijke regeling moet nauwkeurig de voorwaarden bepalen wie, wanneer en hoe toegang kan krijgen tot het register.Artikel 55 van het Burgerlijk Wetboek bepaalt dat elke geboorte moet worden aangegeven bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente op wiens grondgebied het kind werd geboren en dit binnen de vijftien dagen na de bevalling. De geneesheer, vroedvrouw, verantwoordelijke van een kliniek, of ieder ander persoon aanwezig op een bevalling, heeft volgens artikel 56 B.W. de plicht één werkdag na de bevalling de ambtenaar van de burgerlijke stand kennis te geven van de bevalling. Merkt deze dat na kennisgeving de geboorte niet binnen de termijn van vijftien dagen wordt aangegeven, verzoekt hij de kennisgever de aangifte te doen.Vervolgens wordt de geboorteakte opgesteld, die onder andere de naam, geboortedatum en -plaats van de moeder bevat.Om een discrete bevalling mogelijk te maken zullen deze artikels moeten worden gewijzigd. Elke zwangere vrouw moet bij aankomst in een ziekenhuis (of bij een arts of vroedvrouw) de mogelijkheid krijgen te kiezen voor de procedure van de discrete bevalling. In dit het geval blijft de kennisgevings- en aangifteplicht behouden, met dien verstande dat de verantwoordelijke van het hospitaal de kennisgeving niet doet bij de ambtenaar van de burgerlijke stand, maar bij de administratie van het centraal register van de discrete bevallingen. Deze neemt dan de aangifteplicht op zich en geeft de geboorte binnen vijftien dagen aan bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente van geboorte, evenwel zonder de afstammingsgegevens, die achterblijven in het centraal register. De gewone procedure wordt vervolgd en de ambtenaar van de burgerlijke stand maakt een geboorteakte op met een randmelding die erop wijst dat het om een discrete geboorte gaat en zonder de melding van de gegevens van de moeder. Vervolgens — nadat het kind een definitieve woonplaats heeft — wordt de geboorteakte overgezonden aan de bevolkingsdienst van de gemeente van woonst van het kind. Tijdens het leven kunnen alle eventuele bijkomende gegevens (bijvoorbeeld over de afstamming van het kind) worden vermeld in de rand van de akte.Bevallen in discretie is ook voor de adoptiediensten en vrouwenorganisaties de beste oplossing. De Nederlandstalige Vrouwenraad en de Federatie van Erkende Vlaamse Adoptiediensten wijzen erop dat de beslissing om clandestien of anoniem te bevallen een prenatale beslissing is. De beslissing om afstand te doen van het kind is daarentegen postnataal, wat een totaal andere gemoedstoestand veronderstelt. Begeleiding van de moeder na de geboorte is cruciaal. Voor 80 % van de vrouwen die zich aanmelden met een vraag tot afstand van het kind wordt een andere oplossing gezocht en gevonden en krijgen de moeders de kans het kind zelf op te voeden of alleszins contact te houden. Die oplossingen kunnen zijn : het in orde brengen van asielaanvragen, het regelen van recht op bestaansminimum, het vinden van werk voor de moeder, het organiseren van een bemiddeling met de ouders van de moeder, zorgen voor een tijdelijke opvang van het kind, het regelen van huisvesting. Dit alles uiteraard steeds in samenspraak en met het akkoord van de kandidaat-afstandsmoeder. Slechts 1/5 van de aangemelde vrouwen gaat uiteindelijk toch over tot afstand. Alle afstandsmoeders krijgen een begeleide bedenktijd van twee tot zes maanden.Mooie resultaten die een systeem van anonieme bevalling niet kan voorleggen.Door het bijhouden van het centraal register zal de ermee belaste dienst allerhande bruikbare informatie alsmede knowhow verzamelen. Enerzijds wordt het mogelijk een zicht te krijgen op het aantal vrouwen die overgaan tot een discrete bevalling, anderzijds kunnen de verzamelde gegevens worden gebruikt in het kader van preventie, begeleiding, enz. De meisjes zullen beter worden opgevangen, in een warmere sfeer, wat hun lijden vermindert.Niettegenstaande de anticonceptie, de wetten op vrijwillige zwangerschapsafbreking en de sociaal-economische tegemoetkoming aan jonge moeders in moeilijkheden, stellen we vast dat er vrouwen blijven bestaan die bij de bevalling hun anonimiteit wensen te behouden. Uit onderzoek van dr. Catherine Bonnet blijkt dat het zelden voorkomt dat socio-economische moeilijkheden ertoe leiden om het kind niet te aanvaarden. Vaak is het gebonden aan problemen van psychologische aard. Vrouwen kunnen ver buiten de periode van de wettelijk toegelaten vrijwillige zwangerschapsafbreking hun zwangerschap (laattijdig) ontdekken of om verschillende redenen geen zwangerschapsafbreking wensen. Verschillende oorzaken kunnen vrouwen onder extreme psychische druk zetten om hun kind niet te aanvaarden. Een discrete bevalling zou een oplossing kunnen zijn, waarbij de moeder haar anonimiteit kan bewaren en tegelijk het opzoeken van de afstamming niet definitief onmogelijk maakt.De wetgever heeft de taak verroeste administratieve procedures op te poetsen door ze aan te passen aan een veranderde maatschappelijk realiteit. In december 2005 dienden de sp.a-kamerleden Magda De Meyer en Karin Jironflée een voorstel van resolutie in om discrete bevallingen in ons land mogelijk te maken. In regeringskringen werd positief gereageerd en het kwam zelfs tot een oriëntatienota, maar tot op heden blijft een wetsontwerp uit. De moeilijke situatie waarin de stijgende groep ongewenst zwangere moeders is verzeild raakt van de ene dag op de andere, is zo’n verandering waar de wetgever op moet inspelen zonder miskenning van de rechten van de afstandskinderen. Een evenwichtsoefening die een oplossing vindt in het systeem van bevallen in discretie.De krachtlijnen voor de praktische toepassing van het voorstelHet wetsvoorstel voorziet in de aanpassing van drie artikelen van het Burgerlijk Wetboek, waardoor het mogelijk wordt dat bij een moeder die haar identiteit niet wenst prijs te geven, de geboorte moet worden aangegeven bij een centraal register. De administratie van het centraal register van de discrete bevallingen moet de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente op wiens grondgebied het kind werd geboren op de hoogte brengen. De afstammingsgegevens of de identiteit van de moeder mogen niet worden vrijgegeven zonder de toestemming van de moeder. De Koning bepaalt de nadere regels.Bij discrete bevalling worden de gegevens van de moeder dus niet opgenomen in de geboorteakte doch wel in het centraal register van de discrete bevallingen.Het centraal register van de discrete bevallingen bevat per moeder twee lijsten :1. de afstammingslijstDe afstammingslijst bevat de identiteit van de moeder. Als het kind de leeftijd van zestien jaar heeft, kan het een verzoek doen aan de Commissie van het Centraal Register om die identiteit te vernemen, dit middels tussenkomst van professionele begeleidingsdiensten, aangewezen door de regering. De Commissie doet vervolgens een bemiddelingspoging om de instemming van de moeder te bekomen. Bij gebreke van toestemming van de moeder worden de gegevens niet verstrekt.2. de lijst met niet-identificeerbare gegevensDeze lijst bevat algemene informatie over de moeder (fysische kenmerken, profielschets, eventuele persoonlijke boodschap van de moeder of de ouders, alle noodzakelijke erfelijke gegevens, eventueel de redenen waarom en de omstandigheden waarin afstand gedaan werd, enz.). Deze lijst kan het kind inkijken via een professionele begeleidingsdienst vanaf de leeftijd van 16 jaar. Op elke leeftijd van het kind kunnen de wettelijke voogden al inzage vragen.De afstandsmoeders krijgen een degelijke begeleiding met een bedenktijd van vier maanden na de bevalling. De regering wijst deze begeleidingsdiensten aan, waarbij de afstandskinderen ook steeds terechtkunnen voor alle nodige ondersteuning. De bepalingen van het wetsvoorstel en de krachtlijnen gelden gebeurlijk ook voor de « afstandsvaders ».

ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING
Artikel 2Dit artikel bepaalt dat bij een moeder die haar identiteit niet wenst prijs te geven, de geboorte moet worden aangegeven bij een centraal register. De administratie van het centraal register van de discrete bevallingen moet de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente, op wiens grondgebied het kind werd geboren, op de hoogte brengen. Het artikel bepaalt verder dat de afstammingsgegevens in het centraal register blijven en dat gegevens niet mogen vrijgegeven worden zonder de toestemming van de moeder.De voorwaarden en regels betreffende de registratie van de afstammingsgegevens en het vrijgeven van de gegevens worden door de Koning bepaald.Artikel 3Bij discrete bevalling worden de gegevens van de moeder niet opgenomen in de geboorteakte, maar wordt in de geboorteakte verwezen naar het centraal register van discrete bevallingen.Artikel 4De Koning organiseert een centraal register van discrete bevallingen Het lijkt aangewezen dat bij de FOD Justitie te doen. De Koning bepaalt de werking ervan.

Guy SWENNEN.

——————————————————————————–

WETSVOORSTEL

——————————————————————————–

Artikel 1Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.Art. 2Artikel 55 van het Burgerlijk Wetboek, vervangen bij de wet van 30 maart 1984, wordt aangevuld met de volgende leden :« Indien de moeder evenwel de instelling of de persoon die haar bijstaat, verzoekt om haar identiteit en haar bevalling geheim te houden, geeft de instelling of de persoon die bijstand verleent daarvan kennis aan het centraal register van de discrete bevallingen op de eerste werkdag die volgt op de bevalling. De kennisgeving geschiedt op de wijze bepaald door de Koning.De administratie van het centraal register van de discrete bevalling geeft de geboorte binnen de termijn als bedoeld in het eerste lid aan bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente van geboorte, evenwel zonder de afstammingsgegevens van de moeder.De afstammingsgegevens blijven in het centraal register en mogen niet vrijgegeven worden zonder de toestemming van de moeder.De Koning bepaalt de regels voor de registratie van de afstammingsgegevens en de voorwaarden waaronder zij kunnen worden medegedeeld aan het kind. ».Art. 3In artikel 57 van hetzelfde wetboek, vervangen bij de wet van 30 maart 1984, worden de volgende wijzigingen aangebracht :A. in het 2º worden de woorden « van geboorte, de naam, » vervangen door de woorden « van geboorte. Indien het niet om een discrete bevalling gaat, vermeldt de geboorteakte tevens de naam, »;B. het 3º wordt aangevuld als volgt :« of het adres van het centraal register van discrete bevallingen ».Art. 4De Koning organiseert een centraal register van discrete bevallingen. Hij regelt tevens de werking ervan.26 oktober 2007.

Guy SWENNEN.

——————————————————————————–

(1) Hof Mensenrechten, arrest Odièvre van 13 februari 2003, Hudoc, http://cmiskp.echr.coe.int/tkp197/search.asp ?sessionid=10347476&skin=hudoc-fr.(2) http://www.health.fgov.be/bioeth/fr/avis/avis-n04.htm

(2) http://www.health.fgov.be/bioeth/fr/avis/avis-n04.htm

Verzoekschrift Vlaams Parlement - deel 3

GOED NIEUWS!!!! De commissie van het Vlaams Parlement heeft besloten om ons verzoekschrift ten gronde te behandelen!

Wat houdt zo’n onderzoek ten gronde in ?
De Commissie wijst 1 of meerdere verslaggevers aan.
Het verzoekschrift wordt grondig onderzocht. Hiervoor kan de Commissie de verzoeker horen of andere personen horen, die betrokken zijn bij het probleem van het verzoekschrift of die deskundig zijn in de aangekaarte problematiek.
De Commissie kan ook advies inwinnen bij bestaande adviesorganen en kan de verslaggevers opdracht geven om ter plaatse de feiten vast te stellen.
Daarna stelt de Commissie haar conclussie op. De verslaggevers stellen een verslag op van de commissiebesprekingen en dit verslag wordt gepubliceerd.
Het verzoekschrift wordt op de agenda van de plenaire vergadering geplaatst die zich uitspreekt over de conclussie van de commissie.
Men heeft ons beloofd dat het verzoek nog vòòr het reces van december (eindejaarsverlof) bij de Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin zal voorgelegd worden en dat dit in januari 2009 verder zal behandeld worden!
Dus allen duimen dat het streepje zonneschijn dat nu het leven van de geboortemoeders en adoptiekindern binnenglipt hen in januari warmte en licht mag geven bij een positieve conclussie van de Commissie!!

Verzoekschrift Vlaams Parlement - deel 2

Het is zover! Donderdag 6 november wordt ons verzoekschrift in het Vlaams Parlemetn onderzocht op het inhoudelijke.

Wij hadden uitleg gevraagd over het verduidelijken van de archivering van adoptiedossiers en over het ter adoptie afstaan van de baby’s die anoniem in Frankrijk waren geboren, de grens naar België werden overgesmokkeld en hier in België ter adoptie werden afgestaan.

De zitting van de commissie is voor iedereen toegankelijk en heeft plaats in vergaderzaal “Hans Memling” van het Vlaams Parlement.

Hieronder vind je de agendapunten die die dag worden behandeld :

Commissie voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezin 

Agenda    donderdag 6 november 2008 10:00 uur    

·         Gedachtewisseling over het actieplan Middelengebruik Benoeming van een verslaggever ·         Gedachtewisseling over het actieplan Voeding en beweging Benoeming van een verslaggever ·         Verzoekschrift over adopties in het verleden en het archiveren van die adoptiedossiers Artikel 86, 4 van het Reglement ·         Verzoekschrift over de klachtenprocedure betreffende voorzieningen in de gehandicaptensector Artikel 86, 4 van het Reglement ·         Regeling van de werkzaamheden (besloten vergadering)

musical “Martha”

Het doek is gevallen over de musical “Martha”.  Dè musical die het aandurfde om het onderwerp “geboortemoeders” naar voren te brengen. Niet het gemakkelijkste onderwerp voor een musical. Maar de crew van Musivo2000 heeft dit schitterend ten tonele gebracht. De emotioneel geladen scenes tussen de geboortemoeder en haar moeder, alsook het gevecht dat de geboortemoeder met zichzelf strijdde werden afgewisseld door luchtige en kleurrijke passages door de jongeren die Peter Pan door het stuk weefden.

Het zoeken van de geboortemoeder naar haar dochter en de ontmoeting van beiden liet menig traantje naar beneden rollen. Zeker bij de de geboortemoeders, waarvan er enkelen aanwezig waren op de opvoering. Moedig van hen!

Achteraf waren de meningen van de geboortemoeders een beetje verdeeld. De één vond dat het happy-end een vals beeld gaf aan de realiteit, de ander had het emotioneel moeilijk gehad tijdens de voorstelling, nog een ander vond dat een musical niet het ideale concept was om deze problematiek naar voren te brengen. Maar allen waren ze over eens dat het eindelijk tijd werd dat er over “hen” iets naar het publiek toe werd gebracht. En dat was, denk ik, de bedoeling ook van deze musical. het publiek laten kennis maken met de problematiek van de geboortemoeders en de adoptiekinderen. Het publiek laten voelen hoe deze mensen en kinderen in stilte lijden. En hier zijn ze in alle glorie in geslaagd.

Proficiat aan de voltallige crew van Musivo2000. Dit initiatief mag geprezen worden en hopelijk nemen anderen ook een dergelijk initiatief om deze problematiek aan te kaarten, zodat de geboortemoeders erkenning krijgen, de adoptiekinderen begrepen worden, en de adoptiefouders beseffen dat deze adoptiekinderen ooit op een spagaatkruispunt komen en zij hen ten allen tijde moeten steunen.